De Vergeten Ondernemers Van De Toeslagenaffaire. Ze Bouwden Iets Op. De Overheid Sloopte Het. En Niemand Betaalt De Rekening.

ondernemer problemen toeslagenaffaire, stress en alles verliezen privé en zakeleijk

Duizenden gedupeerde ondernemers verloren hun bedrijf, hun inkomen en hun toekomst. De hersteloperatie heeft in vijf jaar geen enkele regeling voor hen gemaakt. Geen enkele. Deze week boden ze een petitie aan in de Tweede Kamer. Dit is waarom.


Door Marbert Iriks

Persoonlijk — Ik schrijf dit stuk als gedupeerde ondernemer. Niet als journalist, niet als buitenstaander, maar als iemand die weet hoe het voelt als de overheid je bedrijf vermorzelt en je vervolgens vertelt dat je het aan jezelf te danken hebt.


Stel je voor. Je hebt een bedrijf. Je hebt het van de grond af opgebouwd. Jarenlang gewerkt, risico genomen, personeel aangenomen, belasting betaald, facturen verstuurd, ’s nachts wakker gelegen over cash flow en ’s ochtends weer opgestaan om door te gaan. Je bent ondernemer. Niet omdat het makkelijk is, maar omdat je iets wilt bouwen.

En dan gaat de telefoon. Of er komt een brief. Of er wordt beslag gelegd. De Belastingdienst heeft besloten dat je een fraudeur bent. Dat de kinderopvangtoeslag die je hebt ontvangen — legaal, aangevraagd, toegekend — teruggevorderd moet worden. Niet een deel. Alles. Nu. Direct. Met rente. Met boete. En als je niet betaalt, volgen er dwangbevelen.

Wat er dan gebeurt, weet ik. Want het is mij overkomen.


Ik ga hier niet in detail treden over mijn eigen zaak. Dat komt elders, op een ander moment, in een ander document. Maar het globale verhaal kan ik vertellen, omdat het hetzelfde verhaal is als dat van duizenden andere ondernemers. En omdat de overheid na vijf jaar hersteloperatie nog steeds doet alsof wij niet bestaan.

Wat er gebeurde was dit. De terugvorderingen kwamen. De bedragen waren onmogelijk. En als ondernemer — als iemand met een bedrijf, met een boekhouding, met klanten, met verplichtingen — was ik niet alleen een ouder in de problemen. Ik was ook een ondernemer in de problemen. De twee zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Want als de Belastingdienst beslag legt op je persoonlijke rekening, betaal je je leveranciers niet meer. Als je dagen kwijt bent aan bezwaarprocedures en telefoontjes met instanties, werk je niet. Als je ’s nachts niet slaapt van de stress, functioneer je overdag niet als ondernemer. Als je gelabeld wordt als fraudeur, vertrouwen klanten je niet meer. Banken vertrouwen je niet meer. Niemand vertrouwt je meer.

De domino’s vallen. Niet één. Allemaal. En ze vallen snel.

Ik had een achtergrond in marketing en management. Jaren ervaring op directieniveau bij grote mediabedrijven. Ik had ondernemingen gebouwd, teams aangestuurd, omzetten gerealiseerd. En ik heb het allemaal zien verdampen. Niet door slechte beslissingen. Niet door de markt. Niet door concurrentie. Door de overheid. Door dezelfde overheid die mijn toeslagen had toegekend, die mijn aanvraag had goedgekeurd, die mij had laten geloven dat alles in orde was — en die vervolgens besloot dat ik een crimineel was.

Meerdere faillissementen volgden. Niet alleen zakelijk — ook persoonlijk. Alles weg. Het bedrijf, het huis, het inkomen, het perspectief, de gezondheid, het vertrouwen. En daarna begon het wachten. Op erkenning. Op compensatie. Op gerechtigheid.

Dat wachten duurt nu zestien jaar. En de compensatie voor de onderneming? Die is er nog steeds niet.


Vijfduizend ondernemers. Nul regelingen.

Laat dat even inzinken. Volgens een UHT-rapport uit 2021 zijn er 8.640 gedupeerde ondernemers — met een geschatte schade van anderhalf miljard euro. Recentere schattingen van het ministerie spreken over vijfduizend. Vijfduizend mensen die een bedrijf hadden, dat kwijtraakten, en die nu — in 2026, vijf jaar na de start van de hersteloperatie — nog steeds geen regeling hebben voor hun bedrijfsschade.

Lees die zin nog een keer. Vijf jaar hersteloperatie. Vijfduizend gedupeerde ondernemers. Nul regelingen.

De hersteloperatie kent inmiddels meer routes, loketten en afkortingen dan een gemiddelde luchthaven. SGH. CWS. MijnHerstel. UHT. VSO. Regieroute. Individuele berekening. En sinds twee dagen geleden ook een petitie. Want op 17 maart 2026 — eergisteren — bood de Belangenvereniging Gedupeerde Ondernemers Toeslagen/FSV/MKB een petitie aan in de Tweede Kamer: “Oók ondernemers zijn ten onrechte als fraudeur gezien.”

Dat die zin in 2026 nog uitgesproken moet worden, is op zichzelf al een aanklacht.


Het systeem dat geen ondernemers kent

De hele hersteloperatie is ontworpen voor ouders in loondienst. De forfaitaire bedragen, de schadeposten, de rekenmodellen — alles gaat uit van een werknemer die inkomen mist. Het Uniform Forfaitair Schadekader van MijnHerstel werkt met vaste bedragen per “gebeurtenis.” Je baan verloren? Maximaal €17.000 per jaar voor de eerste drie jaar, daarna €12.000. Op papier klinkt dat als iets. In werkelijkheid is het een belediging voor iedereen die een bedrijf had.

Want een bedrijf is geen baan. Een bedrijf is jarenlange opbouw. Goodwill. Klantrelaties. Contracten. Voorraden. Personeel. Investeringen. Schulden die je bent aangegaan om te groeien. Een bedrijf heeft een waarde die ver voorbij een jaarsalaris gaat. Als de overheid dat bedrijf vernietigt — door beslag, door fraudelabels, door het afsnijden van krediet, door jarenlange onzekerheid — dan is de schade niet €17.000 per jaar. Dan is de schade alles wat dat bedrijf had kunnen zijn. De omzet van de komende tien jaar. De waarde bij verkoop. De pensioenvoorziening die je als ondernemer in je bedrijf had opgebouwd. De werkgelegenheid die je bood. Dat alles — weg. En het forfaitaire kader van de overheid zegt: hier heb je €17.000. Per jaar. Maximaal drie jaar. En teken hier dat je verder niets meer te vorderen hebt.

Er is één escape: de “individuele berekening” voor “ingewikkelde schade, zoals in situaties waarbij sprake is van een onderneming.” Maar die route bestaat vrijwel alleen op papier. Niemand weet hoe hij werkt. Niemand weet hoe lang het duurt. En de CWS — de enige commissie die werkelijke schade beoordeelt — heeft een wachtrij van jaren en weigert bij ondernemers structureel het causaal verband te erkennen.

Dat laatste is misschien wel het wreedste. De Belastingdienst vernietigt je bedrijf. Jaren later vraag je compensatie. En dezelfde Belastingdienst zegt: “We zien geen verband tussen de toeslagenaffaire en uw faillissement.”

Ze zien geen verband.

De organisatie die beslag legde op je rekening, die je bestempelde als fraudeur, die je klanten deed weglopen, die je kredietwaardigheid vernietigde, die je nachten slaap kostte en je dagen vulde met bezwaarprocedures — die organisatie ziet geen verband tussen haar eigen handelen en het feit dat je bedrijf niet overleefde.

Het is alsof iemand je huis in brand steekt en vervolgens zegt: “We zien geen verband tussen de lucifer en de brand. Misschien was het kortsluiting.”


De Belastingdienst die haar eigen bewijs ontkent

Hoe bizar de situatie is, illustreert het verhaal van Kristel de Waal uit Westendorp. Moeder van negen kinderen. Runde samen met haar man een koeriersbedrijf met negen auto’s op de weg. Goed draaiend. Gezond. Tot de Belastingdienst €150.000 terugvorderde aan kinderopvangtoeslag.

In 2014 kwamen twee ambtenaren van de Belastingdienst op huisbezoek. Ze bekeken de situatie. Ze schreven een gespreksverslag. En in dat verslag staat, zwart op wit: het bedrijf is door de toeslagenschuld niet meer levensvatbaar. Eigenlijk rest alleen een faillissement. Dat schreef de Belastingdienst zelf. In haar eigen verslag. Op basis van haar eigen huisbezoek.

Jaren later, als het toeslagenschandaal aan het licht komt en de compensatie zou moeten beginnen, zegt dezelfde Belastingdienst: wij zien geen verband tussen de toeslagenaffaire en het faillissement. Het bedrijf zou sowieso niet hebben overleefd.

Haar eigen verslag zegt het tegendeel. Haar eigen ambtenaar schreef het op. Maar nu het geld kost, kent de Belastingdienst haar eigen documenten niet meer.


De stilte is het ergste

Wat mij het meest raakt aan dit alles — meer dan de bedragen, meer dan de procedures, meer dan de kafkaëske bureaucratie — is de stilte. De complete afwezigheid van ondernemers in het publieke debat over de toeslagenaffaire.

Als je de krantenartikelen leest, de Kamerbrieven, de voortgangsrapportages — dan gaat het over “ouders.” Altijd “ouders.” Ouders die hun kinderopvangtoeslag moesten terugbetalen. Ouders die in de schulden kwamen. Ouders wier kinderen uit huis werden geplaatst. En dat klopt allemaal. Dat is allemaal waar. Dat is allemaal verschrikkelijk.

Maar een deel van die ouders was ook ondernemer. En voor die ondernemers is de schade niet alleen persoonlijk — hij is ook zakelijk. En die zakelijke schade is in vijf jaar hersteloperatie structureel genegeerd, gebagatelliseerd en doorgeschoven.

Het ministerie van Financiën zegt dat er sinds maart vorig jaar een “speciaal team” is dat “proactief ondernemers benadert met forse bedrijfsschade.” Dat team heeft naar eigen zeggen zo’n duizend ondernemers in beeld. Daarvan zijn er 371 “geholpen met hun zakelijke schulden.” 371. Van de vijfduizend. In een jaar. Dat is niet proactief. Dat is een druppel op een gloeiende plaat.

En die 371 zijn “geholpen met hun zakelijke schulden” — niet gecompenseerd voor het verlies van hun bedrijf. Schuldhulp is geen compensatie. Schuldhulp is de overheid die zegt: we helpen je de puinhopen op te ruimen die we zelf hebben veroorzaakt. Dat is geen herstel. Dat is damage control.


Wat de overheid niet snapt — of niet wíl snappen

Een ondernemer die zijn bedrijf verliest door overheidsingrijpen verliest meer dan inkomen. Hij verliest identiteit. Een bedrijf bouwen is niet iets wat je doet van negen tot vijf. Het is wie je bent. Het is hoe je naar de wereld kijkt. Het is waar je wakker voor wordt en waarvoor je offers brengt. Als dat wordt afgepakt — niet door de markt, niet door je eigen fouten, maar door een overheid die achteraf erkent dat ze fout zat — dan is er geen forfaitair bedrag dat dat dekt. Geen checkbox op een formulier. Geen schadecategorie in een Uniform Schadekader.

De schade van een verloren bedrijf is: de omzet die je niet meer maakt. Het personeel dat je niet meer betaalt. De klanten die je niet meer bedient. De leveranciers die je niet meer betaalt en die vervolgens ook in de problemen komen. De schulden die je hebt gemaakt om je bedrijf te redden, die nu op jou persoonlijk drukken. Het krediet dat je nergens meer krijgt. De BKR-registratie die je achtervolgt. De pensioenopbouw die er niet is, omdat je als ondernemer je pensioen in je bedrijf had zitten. Het bedrijf dat er niet meer is.

En boven dat alles: de wetenschap dat het anders had gekund. Dat als de overheid haar eigen regels had gevolgd, als de Belastingdienst niet had besloten dat je een fraudeur was, als de terugvordering niet was gekomen — dat je nu nog ondernemer was geweest. Met een bedrijf. Met inkomen. Met een toekomst.

Die wetenschap is geen schadepost. Die wetenschap is een levend litteken.


De petitie die er niet had moeten zijn

Eergisteren — 17 maart 2026 — stonden gedupeerde ondernemers in de Statenpassage van de Tweede Kamer met een petitie. “Oók ondernemers zijn ten onrechte als fraudeur gezien.” De Belangenvereniging Gedupeerde Ondernemers Toeslagen/FSV/MKB, ondersteund door Stichting Herstel Ongekend Onrecht. Honderd ondernemers hadden zich eerder al verenigd via Facebook, buiten elk officieel kanaal om, omdat de officiële kanalen niet voor hen werken.

Dat deze petitie nodig is — in het zesde jaar van de hersteloperatie, na drie kabinetten, na €3,4 miljard aan uitgaven, na twintig voortgangsrapportages — bewijst alles wat er mis is. Het bewijst dat de overheid de ondernemers is vergeten. Niet per ongeluk. Structureel. Omdat bedrijfsschade complex is. Omdat de bedragen hoog zijn. Omdat het makkelijker is om een forfaitair bedrag uit te keren dan om werkelijke schade te berekenen. En omdat ondernemers — net als zestien jaar geleden — weer onderaan de stapel liggen.

De Belastingdienst was heel efficiënt in het vernietigen van onze bedrijven. Ze had geen moeite met het leggen van beslag, het opleggen van boetes, het versturen van dwangbevelen. Dat ging razendsnel. Maar nu het tijd is om de schade te vergoeden, is er opeens geen regeling. Geen systeem. Geen plan. Geen haast.


Wat ik wil

Ik wil geen medelijden. Ik wil erkenning. Erkenning dat ondernemers een aparte categorie zijn binnen de toeslagenaffaire. Dat bedrijfsschade niet past in een forfaitair kader dat is ontworpen voor werknemers. Dat faillissementen die zijn veroorzaakt door onrechtmatig overheidshandelen niet kunnen worden afgedaan met: “we zien geen verband.”

Ik wil een aparte regeling. Een regeling die bedrijfsschade serieus neemt. Die goodwill, omzetverlies, verloren contracten, personeelskosten, investeringsschade en pensioenopbouw erkent als wat het is: schade die door de overheid is veroorzaakt en die door de overheid moet worden vergoed.

En ik wil tempo. Geen “speciaal team” dat in een jaar 371 van de vijfduizend ondernemers “helpt met schulden.” Geen wachtrij van jaren bij een CWS die structureel het causaal verband ontkent. Geen nieuwe portalen en routes en schadekaders die weer niet werken voor ondernemers.

Het is 2026. Vijf jaar herstel. Nul resultaat voor ondernemers. Die petitie van eergisteren had vijf jaar geleden al overbodig moeten zijn.

Maar dat is hij niet. En daarom schrijf ik dit.


 

Bronnen: UHT-rapport 2021 (8.640 gedupeerde ondernemers, €1,5 miljard schade), NOS/Omroep Gelderland (zaak Kristel de Waal, 2023), De Groene Amsterdammer (“Huis kwijt, burn-out en bedrijf failliet”, april 2025), Tweede Kamer petitie-aanbieding 17 maart 2026, Uniform Forfaitair Schadekader MijnHerstel (november 2025), Ratio Advocatuur (analyse schadekader), Kamerbrief staatssecretaris Palmen 25 november 2025.

M
Over de auteur

Marbert Iriks

Marbert Iriks is ondernemer en toeslagenouder. In de zeventien jaar sinds het begin van de toeslagenaffaire raakten hij en zijn gezin vrijwel alles kwijt, zowel zakelijk als privé. Die ervaring bracht hem ertoe te schrijven over een overheid die te groot, te log en te regulerend is geworden. Voor Vrije Opinie schrijft hij over rechtvaardigheid, macht en de gevolgen van beleid voor gewone mensen — niet vanuit theorie, maar vanuit wat er gebeurt wanneer systemen ontsporen en burgers de gevolgen moeten dragen.

📋
Reageer met Respect

Alleen beschaafde reacties worden geplaatst. Bedreigingen, scheldpartijen en haatzaaiende opmerkingen worden verwijderd.

Plaats een Reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd.